Hand- of polsklachten
Carpaletunnelsyndroom
Bij het carpaletunnelsyndroom (CTS) zit een zenuw in je pols bekneld. Dat geeft tintelingen, pijn of een doof gevoel in je duim, vingers en handpalm, vaak 's nachts. Bij ongeveer de helft van de mensen worden de klachten binnen een jaar minder; de behandelopties zijn afwachten, een nachtspalk, een injectie of een operatie.
Ook bekend als: CTS, Carpale-tunnelsyndroom, Carpaal tunnel syndroom, Tintelende vingers, Beknelde zenuw in de pols, Pronator teres syndroom, Pronatorsyndroom.
Welke klachten kun je hebben?
- Tintelingen, pijn of een doof gevoel in duim, vingers en handpalm.
- 's Nachts wakker worden van de klachten; schudden met de hand helpt even.
- Later: minder kracht in de duim en dingen laten vallen.
Hoe ontstaat het?
Een zenuw wordt in een nauwe tunnel in de pols samengedrukt. De kans is groter bij krachtig knijpen en trillend gereedschap, tussen 45 en 64 jaar, bij vrouwen, tijdens zwangerschap, borstvoeding of de overgang, bij diabetes en overgewicht, en na een eerdere polsbreuk.
Hoe lang duurt het?
Bij ongeveer de helft van de mensen worden de klachten binnen een jaar minder. Bij ongeveer 1 op de 4 worden ze erger.
Wat doet een fysiotherapeut?
Een fysiotherapeut of handtherapeut onderzoekt je hand, legt uit wat er aan de hand is en helpt je met een spalk, oefeningen en het gebruik van je hand.
- Onderzoek. De fysiotherapeut vraagt naar je klachten en onderzoekt je hand en pols. Hij herkent het typische patroon: tintelingen in duim, vingers en handpalm, 's nachts wakker worden en klachten die veranderen met de stand van je hand. Heb je een doof gevoel dat blijft, een zwakkere duim of klachten die niet in dit patroon passen, dan verwijst hij je naar de huisarts.
- Uitleg. Je hoort wat CTS is, hoe het meestal verloopt en welke houdingen en bezigheden de klachten verminderen of uitlokken, op je werk en thuis.
- Polsspalk. Een fysiotherapeut of handtherapeut adviseert over een polsspalk die je pols recht houdt, voor de nacht en bij bezigheden die klachten geven. Zit de spalk niet goed, dan past hij die aan of komt er een spalk op maat. In een onderzoek in de huisartsenpraktijk werkte een injectie de eerste 6 weken sneller; vanaf 6 maanden deed de spalk het even goed, en na 24 maanden hadden minder mensen een operatie gehad (16 op de 100 tegen 22 op de 100).
- Oefeningen thuis. Je leert oefeningen waarbij de zenuw en de pezen in je hand en pols soepel heen en weer glijden. In één onderzoek bij 105 mensen die op een afspraak met de chirurg wachtten, gingen na uitleg, een spalk en deze oefeningen minder mensen alsnog naar een operatie (59 op de 100 tegen 80 op de 100).
- Behandeling met de handen. De fysiotherapeut behandelt de weke delen en de zenuw in je pols en arm met zijn handen, om de pijn te verminderen en je hand beter te laten werken. In een overzicht van zes kleine onderzoeken gaf dat op korte termijn minder pijn en een beter werkende hand.
- Evaluatie. Na ongeveer 6 weken kijk je samen naar het resultaat. Is de verbetering te klein, dan verwijst de fysiotherapeut je terug naar de huisarts om een injectie of operatie te bespreken.
- Terug naar werk en dagelijks leven. De fysiotherapeut begeleidt je bij het weer gebruiken van je hand op je werk en thuis, ook na een operatie, en verwijst je voor aanpassingen op je werk naar de bedrijfsarts.
Voor laser en TENS is er geen aanbeveling in de richtlijn uit 2017. Ultrageluid noemt die hooguit als mogelijkheid, met zeer zwak bewijs en 10 tot 20 zittingen.
Wat kun je zelf doen?
- Blijf je hand gebruiken, maar vermijd bewegingen die de klachten duidelijk erger maken.
- Houd je pols 's nachts recht en ontspannen.
- Kunnen de klachten met je werk te maken hebben, overleg dan met je bedrijfsarts.
Verwante klachten
Pronator teres syndroom
Tintelingen in je duim en vingers komen niet altijd door het carpaletunnelsyndroom. Bij het pronator teres syndroom zit dezelfde zenuw (de nervus medianus) hoger klem: in het bovenste deel van je onderarm, meestal tussen de twee delen van de pronator teres, een spier die je onderarm draait. Het komt veel minder vaak voor dan CTS, en de twee kunnen ook samen voorkomen. De pijn zit dan ook in je onderarm, niet alleen in je pols. Een fysiotherapeut of arts kan de twee met onderzoek uit elkaar proberen te houden, al lukt dat niet altijd; de diagnose stelt de huisarts of een specialist. Meestal wordt het eerst zonder operatie behandeld. De adviezen op deze pagina, zoals de nachtspalk voor je pols, zijn voor CTS en niet voor dit syndroom.
- Ga naar je huisarts als je duim en wijsvinger minder kracht hebben bij knijpen, of als spieren in je hand of onderarm dunner worden.
Medische aandachtspunten
Wanneer eerst naar de huisarts?
- Je hebt minder kracht of minder gevoel in je hand.
- Je hebt de hele dag klachten of laat dingen vallen.
- De klachten passen niet bij het typische patroon (tintelingen in duim, vingers en handpalm).
- De spier onder je duim wordt dunner.
- Je hebt veel pijn of beperkingen, of je bent zwanger en de klachten zijn ernstig.
Kosten en verwijzing
Je kunt zonder verwijzing naar de fysiotherapeut. Wat een behandeling kost en wanneer je verzekering betaalt, lees je bij de kosten, de vergoeding en fysiotherapie zonder verwijzing.
Veelgestelde vragen
Gaat het carpaletunnelsyndroom vanzelf over?
Soms. Bij ongeveer de helft worden de klachten binnen een jaar minder; bij een kwart worden ze erger. Klachten uit de zwangerschap kunnen blijven na de bevalling.
Helpt een polsspalk?
Een nachtspalk is vaak de eerste stap. Hij is goedkoop en heeft weinig risico. In een onderzoek in de huisartsenpraktijk deed een spalk het vanaf 6 maanden even goed als een injectie. Helpt hij na ongeveer 6 weken niet, bespreek dan met je huisarts een andere behandeling.
Wanneer is een operatie nodig?
Een operatie is een keuze die je samen met je huisarts maakt. Ze past het best bij ernstige klachten of een zwakkere duimspier. Een operatie helpt de meeste mensen; ongeveer 5 op de 100 houden klachten. Of een operatie veel beter is dan een spalk, is onzeker.
Bronnen
- Thuisarts.nl: Ik heb het carpale-tunnel-syndroom (gewijzigd 29 juli 2024)
- Richtlijnendatabase: Carpaletunnelsyndroom (CTS) (2017)
- KNGF Kennisplatform: pagina over de NHG-standaard Hand- en polsklachten (2021)
- Huisarts en Wetenschap: Wel of niet spalken bij carpaletunnelsyndroom? (2024)
- Cochrane: Splinting for carpal tunnel syndrome (2023)
- Cochrane: Surgical versus non-surgical treatment (2024)
- The Lancet: Injection versus night splints, INSTINCTS-trial (Chesterton e.a., 2018)
- Rheumatology: Injection versus night splints, 24 months follow-up (Burton e.a., 2023)
- Journal of Physiotherapy: Education, night splinting and home exercises (Lewis e.a., 2020)
- JOSPT: Neurodynamic techniques for carpal tunnel syndrome (Núñez de Arenas-Arroyo e.a., 2021)
- International Orthopaedics: Manual therapy in carpal tunnel syndrome (Jiménez-Del-Barrio e.a., 2022)
- Physical Therapy: Manual therapy versus surgery, 4-year follow-up (Fernández-de-las-Peñas e.a., 2020)
- Archives of Physical Medicine and Rehabilitation: Conservative treatments, network meta-analysis (Chen e.a., 2025)
- Cochrane: Rehabilitation following carpal tunnel release (2016)
- Binsaleem: Median nerve entrapment neuropathy, a review on the pronator syndrome, JSES Rev Rep Tech (2025)
- Balcerzak e.a.: How to differentiate pronator syndrome from carpal tunnel syndrome, Diagnostics (2022)
Deze pagina geeft algemene informatie en vervangt geen advies van je huisarts of fysiotherapeut. De Fysioplek is geen zorgaanbieder.